Hester twijfelde of ze haar kind wel wilde laten vaccineren. Bij het consultatiebureau bleek ze hier goed over te kunnen praten. Hester, moeder van Imke (2 jaar) en zwanger van haar tweede kind: ‘Jeugdverpleegkundige Gepke bleek een extra steun en een klankbord voor mij als jonge moeder.’
‘Voordat Imke geboren werd, keek ik er niet echt naar uit om naar het consultatiebureau te gaan. Ik dacht dat het een soort opgroeipolitie was die controleert of je kind wel aan bepaalde standaarden voldoet. Terwijl ik juist erg van het meebewegen ben: kijken naar mijn kind en daarop inspelen.’
Vaccinatie
Hester was er bijvoorbeeld helemaal niet zeker van of ze Imke wilde laten vaccineren. ‘Niet omdat ik tegen vaccinaties ben, maar omdat het me tegenstond om een kindje dat net op de wereld is, pijn te doen. Hoe harder iemand mij dan probeert te overtuigen, hoe meer ik me verzet.
Met jeugdverpleegkundige Gepke had ik er een heel open gesprek over. Ik kende haar al vanaf het eerste huisbezoek. Ze wilde echt weten hoe ik tegen dingen aankeek, waar mijn zorg zat. Ik voelde de vrijheid om zelf te kiezen.
Ze liet mij het grotere plaatje zien, wat ik in de kraamtijd zelf nog niet goed kon zien. Bijvoorbeeld dat, als ik ervoor kies haar niet te vaccineren, ze niet terecht zou kunnen bij de kinderopvang waar ik haar had ingeschreven. Imke is enig kind en ik vind het belangrijk dat ze veel contact heeft met andere kinderen. Vanuit haar ontwikkeling gezien voelde vaccineren daardoor weer wel goed.’
Groeicurve
‘Uiteindelijk hebben we het zo geregeld dat ik op het consultatiebureau vlak voor de prik borstvoeding gaf. Daarna kreeg ze de prik en kon ik haar meteen weer aanleggen. Dat gaf mij en Imke rust en steun.
Wat ik zo fijn vond: Gepke heeft veel kennis, maar ze was nooit dwingend. Ze kijkt vanuit vertrouwen mee naar wat bij ons past. En ze kijkt altijd naar de situatie.
Mijn dochter zit bijvoorbeeld iets boven het gemiddelde qua gewicht. Ze eet gezond, alleen soms heel veel. Gepke zegt dan: ‘Wat fijn dat ze zo goed eet, ze is vast sterker aan het worden voor een groeispurt.’ Die groeicurve is dan een hulpmiddel, maar geen regel.’
Steunpilaar
‘Ik vroeg me ook een tijdje af of ik Imke op moest pakken als ze ’s avonds huilde. Of raakte ze dan niet gewend aan haar eigen bedje? Gepke adviseerde om haar tot een maand of zes lekker bij me te nemen. En om daarna eventueel naast haar te gaan liggen terwijl zij in haar eigen bedje lag, met m’n gezicht naar haar toe, zonder oogcontact. Dit heb ik gedaan. Het hielp mijn dochter erop te vertrouwen dat we er altijd zijn, en dat ze toch alleen kan slapen. Dat past bij ons. Dat soort adviezen gaven ons veel rust.
Eigenlijk heeft Gepke vooral mijn eigen intuïtie gesteund. Ik zie haar als een steunpilaar: iemand die vanuit vertrouwen meekijkt naar wat bij ons past. Ze was vooral in het begin een extra steun en een klankbord voor mij als jonge moeder. Je leest van alles, adviezen spreken elkaar tegen, familieleden doen het allemaal anders. Uiteindelijk moet je doen wat goed voelt. En dan is het fijn als iemand met kennis en met het belang van de gezondheid van je kind voorop, met je meekijkt.’

